|
Op deze pagina een vervolg van foto’s katapult machinekamer en de katapultploeg aan boord van Hr.Ms. Karel Doorman.
(foto 2623) De launchvalves in de katapult machinekamer met op de foto Henk van het Goor. Op de achtergrond de katapult controle kamer binnen de katapult machinekamer. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2624) Hier de machinisten Henk van het Goor en Ton Ariëns in de katapult machinekamer van Hr.Ms. Karel Doorman. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2655) Hier nogmaals een foto van deze machinisten van de katapult machinekamer. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2625) Machinist Henk van het Goor in de pompkamer van de katapult machinekamer aan boord van de Doorman, bij de in bedrijf zijnde hydraulische pomp. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2626) Nogmaals Henk van het Goor in de pompkamer, nu bij het starten van de stoomturbine voor de hydraulische pomp. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2627) De jiggerkamer van de katapult machinekamer met Henk van het Goor achter de afsluiters. De jigger was een hydraulisch systeem om de zuigers na cat-shot terug te halen naar de startpositie. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
(foto 2651) Hier de katapultploeg even in de rust op het BB voorbordes voordat men weer nodig is aan dek en in de katapult machinekamer, voor de volgende catshots. Geheel rechts staat de sgt.mach Lenderink die in de controlekamer van de katapult machinekamer zat. Geheel links zit Ton Ariëns en derde van links is John van Munster. Foto ontvangen van Henk van het Goor.
We hadden aan de majoor (later adjudant) Den Besten een fijne chef en goed voor zijn personeel. Op zaterdagmorgen moesten we altijd schoonschip maken, koper poetsen en schrobben. Wij zorgden dat we omstreeks 11.00 uur gereed waren, want dan kwam de majoor vertellen over zijn tijd in toenmalig Nederlands Indie, we zaten dan aan zijn lippen gekluisterd en als laatste, met name voor de nieuwelingen, eindigde hij dan met Maleise les. Dan was het: Rotti is .....brood, Matti is .....dood, Tapoer is ......keuken en Mac Mac is ........
Ook de sergeant Lenderink was een fijne vent. Als we in een vreemde haven lagen en op vrijdagavond waren wezen stappen, waren we op zatermorgen niet altijd even okselfris. We kregen dan wel de gelegenheid om in de bergruimte waar de met de balen met poetslappen en dotten waren opgeslagen, heerlijk een paar uur uitslapen. Verder regelde hij, als we na het nachtvliegen terug kwamen, soms bitterballen of andere hapjes en zelfs af en toe een biertje, uit de pantry van de ‘Gouden bal”. Die zat immers op hetzelfde F-dek als de katapult machinekamer en onze verblijven in het voorschip. Je begrijpt dat wij dan als katapult-crew ook altijd weer klaar stonden voor onze chefs als dat nodig was.
Henk van het Goor.
|